De SGI-Index meet hoe kwetsbaar een economie is voor schokken — niet wanneer een crisis komt, maar hoe groot de schade zou zijn als er één komt. We baseren de score op publiek beschikbare data van BIS, IMF, ECB, OECD en nationale statistiekbureaus.
Drie pijlers, één score
De score (0-100, hoger = fragieler) is opgebouwd uit drie pijlers met empirisch onderbouwde gewichten:
- Financieel (45%) — staatsschuld/BBP, private schuld/BBP en de krediet-efficiëntie. Wetenschappelijk consensus (Schularick & Taylor 2012, BIS Working Paper 1003): private kredietgroei is historisch de beste enkele voorspeller van financiële crises.
- Structureel (35%) — centrale bank balans/BBP en het aandeel zombie-bedrijven. Een grote balans en veel "ondoden" maken een economie minder schokbestendig.
- Sociaal (20%) — huisprijs/inkomen-ratio, institutioneel vertrouwen en vermogensongelijkheid. Belangrijk voor de politieke houdbaarheid van hervormingen, maar lagging — een gevolg, niet een oorzaak.
Wat de score niet is
De SGI is geen recessie-tool en geen handelssignaal. Een score van 70 betekent niet "crash binnen 12 maanden" — het betekent dat als er een schok komt (renteshock, geopolitieke crisis, energie), het systeem minder buffer heeft om die op te vangen. Vergelijkbaar met de gezondheid van een patiënt: een hoge score zegt niet wanneer iemand ziek wordt, wel hoe goed hij ziekte zou doorstaan.
Methodologie open en navolgbaar
De volledige formule, alle datapunten en bronvermeldingen zijn zichtbaar in het dashboard. Geen black-box.